Hoe leest een gelovige vandaag de Bijbel? | Rechtsnijden.nl

Hoe leest een gelovige vandaag de Bijbel?

Wie overtuigd is van recht snijden, kent het kader. Maar hoe ziet een gezonde, dagelijkse omgang met de Schrift er dan uit? Deze pagina werkt een praktische leesmethode uit waarin Paulus' brieven het normatieve uitgangspunt vormen en de rest van de Schrift vandaaruit gelezen wordt.

Iedere gelovige heeft de Schrift nodig. Niet als naslagwerk voor een enkele vraag, maar als dagelijkse voeding waaruit het geloofsleven leeft. Het Woord van God is gegeven om te onderwijzen, te corrigeren en op te bouwen, en die werking ontvouwt zich juist in voortdurende omgang met de tekst. Wie de Bijbel slechts incidenteel openslaat, blijft staan bij losse indrukken; wie geregeld leest, leert de samenhang van Gods openbaring kennen.

Kennis alleen is daarbij niet voldoende. Men kan recht snijden begrijpen als methode en toch droog blijven, omdat het Woord niet werkelijk gelezen en overdacht wordt. Paulus schrijft dat alles wat vroeger geschreven is, tot onze lering gegeven werd. [SV] Romeinen 15:4 "Want al wat te voren geschreven is, dat is tot onze lering te voren geschreven, opdat wij, door lijdzaamheid en vertroosting der Schriften, hoop hebben zouden." Het doel van lezen is dus niet enkel informatie, maar lijdzaamheid, vertroosting en hoop.

Deze pagina bouwt voort op wat elders al is uitgewerkt en herhaalt dat niet. Voor de vraag waarom Paulus' brieven het normatieve centrum vormen, zie Waarom Paulus normatief is; voor de methode zelf, zie Wat is recht snijden?; en voor het omgaan met lastige passages, zie Hoe lees je moeilijke teksten?. Hier ligt de aandacht volledig op de praktijk: hoe je dat kader dag in dag uit toepast in je eigen omgang met de Bijbel.

De brieven van Paulus vormen het normatieve uitgangspunt voor de Gemeente, omdat in hen de verborgenheid bekendgemaakt is die in vorige tijden verzwegen was. Paulus noemt zichzelf de gevangene van Christus Jezus ten behoeve van de heidenen en beschrijft de bediening die hem daartoe gegeven werd. [SV] Efeze 3:1 "Om deze oorzaak ben ik Paulus de gevangene van Christus Jezus, voor u, die heidenen zijt." Wie vandaag leest, begint daarom bij deze brieven om te weten wat rechtstreeks tot de Gemeente gesproken is. Dit is geen herhaling van het bewijs daarvoor, maar de praktische gevolgtrekking: het leescentrum ligt bij Paulus.

Vanuit dat centrum wordt de rest van de Schrift gelezen, niet terzijde geschoven. Paulus schrijft dat de bedeling van de verborgenheid licht werpt op het geheel van wat God in de Schriften heeft neergelegd. [SV] Efeze 3:9 "En allen te verlichten, dat zij mogen verstaan, welke de gemeenschap der verborgenheid zij, die van alle eeuwen verborgen is geweest in God, Welke alle dingen geschapen heeft door Jezus Christus;" De evangeliën, de profeten en de overige brieven blijven daarmee onmisbaar; ze worden alleen op hun juiste plaats gelezen, met aandacht voor doelgroep en bedeling.

Dat voorkomt verwarring. Wie iedere tekst zonder onderscheid op de Gemeente toepast, brengt beloften, geboden en waarschuwingen door elkaar die aan verschillende groepen en tijden gericht zijn. Paulus maakt dat onderscheid uitdrukkelijk wanneer hij drie groepen naast elkaar noemt. [SV] 1 Korinthe 10:32 "Weest zonder aanstoot te geven, en den Joden, en den Grieken, en der Gemeente Gods." Door Paulus als leescentrum te nemen blijft de hele Schrift nuttig, terwijl iedere tekst toch kan spreken op de plaats die hem toekomt.

De houding waarmee je leest, bepaalt veel. Lezen om te leren betekent dat je de tekst laat spreken voordat je conclusies trekt; je komt om te ontvangen, niet om je eigen gedachten bevestigd te zien. Daarnaast lees je om te groeien: het Woord is geen einddoel dat je eenmaal afvinkt, maar voedsel waar je telkens opnieuw uit leeft. Paulus verbindt het rijk wonen van het Woord rechtstreeks aan onderwijs en opbouw onderling. [SV] Kolossenzen 3:16 "Het woord van Christus wone rijkelijk in u, in alle wijsheid; leert en vermaant elkander, met psalmen en lofzangen, en geestelijke liederen, zingende den Heere met aangenaamheid in uw hart."

Bij die houding hoort nederigheid en bereidheid om gecorrigeerd te worden. De Schrift is gegeven om niet alleen te onderwijzen, maar ook te weerleggen en te verbeteren, en dat raakt ook de lezer zelf. [SV] 2 Timotheüs 3:16 "Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is;" Wie leest met de bereidheid om bijgesteld te worden, laat het Woord zijn werk doen in plaats van het te gebruiken als bevestiging van wat men al vond.

Daarmee verschilt geestelijke voeding wezenlijk van religieuze plicht. Lezen als plicht is een taak die afgewerkt wordt; lezen als voeding is omgang waaruit je leeft. Het doel is niet een afgevinkt hoofdstuk, maar een mens van God die volkomen toegerust is. [SV] 2 Timotheüs 3:17 "Opdat de mens Gods volmaakt zij, tot alle goed werk volmaaktelijk toegerust." Die toerusting groeit niet uit dwang, maar uit een gewillig en aanhoudend luisteren naar wat God zegt.

Een gezonde routine begint bij de brieven van Paulus. Wie nieuw is in het recht snijden, doet er goed aan eerst Romeinen tot en met Filemon door te lezen, zodat de leer voor de Gemeente helder wordt voordat de overige Schrift erbij gelezen wordt. Lees systematisch in plaats van willekeurig: neem een brief van begin tot eind door, zodat je de gedachtegang van Paulus volgt en verzen niet losraken van hun verband. De oproep om naarstig het Woord recht te snijden vraagt juist om die zorgvuldige, aanhoudende omgang. [SV] 2 Timotheüs 2:15 "Benaarstig u, om uzelven Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt."

Maak daarbij eenvoudige notities. Schrijf op wat een gedeelte zegt, welke vragen het oproept en hoe het zich verhoudt tot andere teksten die je kent. Vergelijk Schrift met Schrift: laat een heldere uitspraak van Paulus een minder duidelijke passage verlichten, en niet andersom. Wanneer je een moeilijke tekst tegenkomt, blijf er niet op vastlopen, maar markeer hem en lees verder; de samenhang van het geheel werpt vaak later licht op het deel. Voor de aanpak van zulke passages staat de methode uitgewerkt in Hoe lees je moeilijke teksten?.

Zoek ten slotte een balans tussen lezen en studie. Doorlopend lezen geeft overzicht en voeding; gerichte studie geeft diepte op een bepaald punt. Beide horen samen: te veel alleen studeren maakt het lezen fragmentarisch, te veel alleen vluchtig lezen maakt het oppervlakkig. Een eenvoudige dagelijkse vorm, een vast moment, een vaste plaats in de tekst, en een biddende houding, houdt de omgang met het Woord vol te houden en laat ze groeien.

Een eerste valkuil is versnipperd lezen: hier een vers, daar een gedachte, zonder ooit een gedeelte in samenhang te overdenken. Zo ontstaat een verzameling losse indrukken in plaats van begrip. Daarmee verwant is het uit de context halen van teksten, waarbij een zin wordt losgemaakt van wat eraan voorafgaat en volgt. Juist daarom waarschuwt de Schrift tegen onderscheid te negeren tussen de groepen tot wie gesproken wordt, zoals Paulus dat doet in 1 Korinthe 10:32.

Een tweede valkuil is alles rechtstreeks op jezelf toepassen, alsof iedere belofte en ieder gebod zonder meer voor de Gemeente geldt. Beloften aan Israël, geboden onder de wet en waarschuwingen aan andere doelgroepen vragen om onderscheid, anders ontstaat verwarring over wat God vandaag van de gelovige vraagt. Daarnaast loert het gevaar van selectief lezen: alleen zoeken naar bevestiging van wat je al gelooft. Dat staat haaks op de bedoeling van de Schrift, die immers ook gegeven is tot wederlegging en verbetering, zoals 2 Timotheüs 3:16 laat zien.

Een laatste valkuil is ontmoediging wanneer niet alles meteen duidelijk wordt. De Schrift is diep, en sommige gedeelten geven hun betekenis pas prijs na herhaald lezen en groei. Dat is geen reden om af te haken, maar een uitnodiging tot lijdzaamheid; juist het volhardend lezen brengt de vertroosting en hoop voort waar Romeinen 15:4 over spreekt. Wie blijft lezen, ziet dat onduidelijkheid afneemt naarmate het geheel vertrouwder wordt.

Een gelovige leest vandaag de Bijbel door bij Paulus' brieven te beginnen en vandaaruit de hele Schrift te lezen met aandacht voor doelgroep en bedeling. De houding is daarbij beslissend: lezen om te leren en te groeien, met nederigheid en bereidheid om gecorrigeerd te worden, als geestelijke voeding en niet als religieuze plicht. Een eenvoudige, volgehouden routine, systematisch lezen, notities maken, Schrift met Schrift vergelijken en balans tussen lezen en studie, houdt die omgang gezond.

De bekende valkuilen zijn versnipperd lezen, teksten uit hun verband halen, alles rechtstreeks op jezelf toepassen, slechts zoeken naar bevestiging, en ontmoediging bij onduidelijkheid. Daartegenover staat de belofte dat het Woord, biddend en aanhoudend gelezen, de gelovige volkomen toerust tot alle goed werk. Zo wordt het lezen van de Bijbel geen taak naast het leven, maar de bron waaruit het geloofsleven dagelijks groeit.

Verdieping vanuit Woordstudies: